• ConstruBadge
  • Voordelen en ondersteuning
  • Voordelen arbeider
  • Opleiding
  • Welzijn
  • Publicaties
  • Koopkrachtpremie
  • FAQ

De beste manier om zich te beschermen tegen kwartsstof?!

Begin dit jaar werd de reglementering rond inadembaar kristallijn silica, of kortweg kwartsstof, verstrengd. Deze materie is opgenomen in bijlage VI.2-2 Lijst van de procédés tijdens welke een stof of een mengsel vrijkomt van de Codex over het welzijn op het werk. Deze ogenschijnlijk kleine wijziging heeft echter grote gevolgen voor de organisatie van het werk op bouwplaatsen.

De aangepaste regelgeving houdt namelijk in dat er afdoende preventiemaatregelen moeten worden genomen bij het uitvoeren van werkzaamheden waarbij kwartsstof kan vrijkomen. De welzijnswet van 4 augustus 1996 stelt zeer duidelijk dat bij de keuze van beschermingsmiddelen de voorkeur gegeven moet worden aan collectieve boven individuele beschermingsmiddelen.

In de praktijk betekent dit dat alle arbeidsmiddelen uitgerust moeten zijn met stofafzuiging of watertoevoer, zodat het kwartsstof neerslaat vooraleer het kan worden ingeademd. Maar is het gebruik van collectieve beschermingsmiddelen altijd voldoende? En wat als dat niet zo is?
 

Reglementering bij blootstelling aan kwartsstof

Naast de hierboven aangehaalde wijziging legt de Codex ook een grenswaarde vast voor blootstelling aan kwartsstof. De grenswaarde is de maximale concentratie van een stof waaraan een werknemer mag worden blootgesteld gedurende een werkdag van 8 uur. Voor kwartsstof is deze grenswaarde vastgelegd op 100 microgram kwarts per kubieke meter aangezogen lucht (100 µg/m³).

Om een idee te geven van wat deze concentratie betekent: als je de bodem van een koffiekopje vult met kwartsstof en je verspreidt deze hoeveelheid in een gebouw met een oppervlakte van een voetbalveld en vier meter hoog, dan heb je in dit gebouw een concentratie van ongeveer 100 µg/m³ kwartsstof.

Wat is de blootstelling bij veelvoorkomende werkzaamheden?

De concentratie aan kwartsstof waaraan een werknemer blootgesteld wordt, is afhankelijk van tal van factoren: de aard en de samenstelling van de materialen, de windrichting, de gebruikte stofzuiger of, bij het toevoegen van water om het kwartsstof te laten neerslaan, het waterdebiet.

Bij het doorslijpen van betonnen voetpadtegels bedraagt de blootstelling ongeveer 4.000 µg/m³. Dat betekent dat een arbeider deze activiteit maximaal 12 minuten per dag mag uitvoeren om onder de grenswaarde van 100 µ/m³ over 8 uur te blijven.

Als de arbeider deze betontegels doorzaagt met watertoevoeging om het stof te laten neerslaan, bedraagt de concentratie aan kwartsstof in de lucht bij deze werkzaamheden nog altijd 120 µg/m³. Dat betekent dat deze collectieve beschermingsmaatregel (watertoevoeging) onvoldoende is als de activiteit langer dan zes uur en dertig minuten per dag uitgeoefend wordt.

Soortgelijke vaststellingen kunnen gemaakt worden bij bepaalde types stofzuigers of bij een fout gebruik of foute montage van de stofzuiger op het arbeidsmiddel. Metingen duiden aan dat het gebruik van collectieve beschermingsmiddelen dus niet altijd volstaat. Het is bovendien zeer moeilijk om aan te tonen dat de concentratie aan kwartsstof in de lucht lager is dan de grenswaarde, aangezien de concentratie afhankelijk is van zoveel verschillende factoren.

Het is dan ook sterk aan te raden om bij het bewerken van steenachtige materialen altijd een combinatie van een FFP3-mondmasker en collectieve beschermingsmiddelen (stofzuiger of watertoevoer) te gebruiken.

Organisatorische maatregelen

Het gebruik van individuele beschermingsmiddelen (FFP3-masker) bovenop het aanwenden van collectieve beschermingsmiddelen (stofzuiger of watertoevoer) is niet altijd evident. Er kunnen echter ook bijkomende organisatorische maatregelen genomen worden.
Zo kan worden gedacht aan het inrichten van een aparte afgesloten ruimte waar alle zaag- en slijpwerken voor steenachtige materialen worden uitgevoerd (in het gebouw of in een stofvrije, afgesloten tent). Op deze manier wordt verhinderd dat andere werknemers op de werf worden blootgesteld aan kwartsstof en moeten er minder FFP3-maskers gebruikt worden.
 

Besluit

De ogenschijnlijk kleine aanpassing van de regelgeving met betrekking tot blootstelling aan inadembaar kristallijn silica heeft grote gevolgen voor de organisatie van de werkzaamheden op een werf. Afgezien van het inzetten van een combinatie van een FFP3-mondmasker en collectieve beschermingsmiddelen, kan het inrichten van een afgesloten ruimte voor het uitvoeren van zaag- en slijpwerkzaamheden een oplossing bieden voor de blootstelling aan kwartsstof.